Help, naar de basisschool!

Help, naar de basisschool!

Sinds een paar weken is het zover: onze oudste gaat naar school. O zo spannend maar wat heeft ze ze er zin in. Al zeker een paar maanden antwoordde ze op de vraag:” wat zullen we vandaag gaan doen?” met: naar school! En nu was het zover. We hebben het geluk dat ze het vanaf dag 1 leuk vindt om heen te gaan en het niet erg vindt dat we weggaan. Braaf zie ik haar door het raam op haar stoeltje zitten, om zich heen te kijken, en alles in zich op te nemen. Wat een indrukken, wat een nieuwe ervaringen, een nieuwe wereld gaat voor haar open. En al snel kom ik erachter dat dit niet alleen voor haar geldt.  

In de eerste week haar 2 keer op de fiets naar school brengen was voor mij al een hele opgave. Vroeg de deur uit ‘moeten’ en ook nog op de fiets. De eerste uren in de ochtend functioneer ik het slechtst. Mijn lichaam en hoofd hebben tijd nodig om op gang te komen. Mijn lichaam voelt dan nog heel zwaar en moe aan en het is net alsof alle voelsprieten op mijn hoofd meer dan aan staan; alle prikkels komen heel hard binnen. Ik kan daar nog steeds zo slecht aan wennen. Dus deze nieuwe ‘taak’ was een hele opgave. Beide de jas aan, sjaal om, fietssleutel pakken, schooltas niet vergeten, moet er nog een knuffeltje mee? Mijn hoofd maakt overuren zodat ik (hopelijk) niets vergeet. Hoppa op de fiets. Fietsen fietsen fietsen, nee Saskia, je hoeft niet snel, tandje terug. Wat is dat toch, die neiging om alles snel te willen doen? Ik word er niet ontspannen van en het is ook niet alsof je dan ineens veel eerder op school bent (wat ook helemaal niet nodig is..). Evi zit te zingen op de fiets en ik probeer zo ontspannen mogelijk ons fietstochtje van drie kilometer door te komen. Gelukkig heeft zij niet door wat voor opgave het voor mij is. Wat was is gesloopt wanneer ik terugkwam. Alsof ik een marathon gefietst had. Moe lichaam, moe hoofd. En dat terwijl het nog maar half negen ’s ochtends was. Voor mij was de rek er gelijk alweer uit. Dus eerst maar weer plat, bijkomen, ontprikkelen.  

Eenmaal op school word ik op het schoolplein al overweldigd door alle prikkels. Bewegende kinderen, gillende kinderen. Naar binnen lopend probeer ik de snelle bewegingen van kinderen om mij heen te verwerken, felle lichten, geluiden. Sjonge, heftig dit. En daarbij nog het sociale beroep wat op je gedaan wordt; nieuwe mensen ontmoeten, praten, gesprekjes volgen, namen onthouden. Wat was ik de eerste weken gesloopt wanneer ik terugkwam. Alsof ik een marathon gefietst had. Moe lichaam, moe hoofd. En dat terwijl het nog maar half negen ’s ochtends was. Voor mij was de rek er gelijk alweer uit. Dus eerst maar weer plat, bijkomen, ontprikkelen en de rest van de dag helemaal niets moeten en zien hoe het zou gaan. Gelukkig gaat dat nu steeds beter. Ik ben nog steeds niet weer op het punt waar ik eind vorig jaar was maar stapje voor stapje merk ik dat de energie weer opbouwt, ik sneller kan ontprikkelen en op die dagen ook nog iets anders kan doen. Ik heb het ‘geluk’ dat ik al anderhalf jaar aan het herstellen ben. Ik moet er niet aan denken dat ik in de eerste maanden van mijn herstel in deze fase had moeten integreren. Ik heb respect voor de vaders en moeders die daar wel in zitten.

Ondertussen is het naar school fietsen niet meer het pittigste deel van deze hele nieuwe fase. Het zit in het ritme en ik vind het heerlijk om op de fiets, met Evi voorop op zo’n fantastisch zadeltje op mijn stang, frisse lucht te snuiven in de vroege ochtend. En langzaam fietsen zit nu in mijn systeem, fijn, weer een stapje vooruit. En lukt het een ochtend niet; dan ga ik met de auto. En dat is oké. Die keuze maken en voelen hoe het ervoor staat gaat mij gelukkig steeds gemakkelijker af. Ook alle prikkels op het plein en in de school kan ik steeds beter verwerken. Zo fijn! 

Waar ik geen rekening mee had gehouden was het feit dat ik uit mijn ‘veilige’ omgeving stapte en de ‘grote’ basisschoolwereld in zou stappen. Evi vindt het dan wel niet erg dat ik ’s ochtends weg ga; ik vind het toch best wel lastig. Met een brok in mijn keel fiets ik het schoolplein af. En zo gaandeweg de eerste week steken ineens allerlei (oude) gedachten, gevoelens, patronen en onzekerheden weer de kop op. Ik was ze al een tijdje niet tegen gekomen maar ja hoor, daar zijn ze weer: Doe ik het wel goed? # Vergeet ik niets? # Heb ik alles wel goed genoeg regelt? # Wat zullen de juf en andere ouders van me vinden? # Alle ouders kunnen vast zien dat ik al anderhalf jaar thuis zit # Ze vinden me vast een slechte moeder # Onze dochter gaat naar de BSO terwijl ik ‘gewoon’ thuis ben # Ze zullen me wel dik vinden # Hoe kan ik me zo klein mogelijk maken en niet opvallen # Iedereen kijkt naar me # en ga zo maar door. 

Ik voel me schuldig # alleen # klein # onzeker # overvallen # dom # wankel # terug bij af # het lijkt alsof alles wat ik de afgelopen maanden heb opgebouwd in een keer helemaal weggeslagen is. Zo zeg, dit had ik niet aan zien komen… 

Eenmaal weer bij de psycholoog maak ik het bespreekbaar. Door het gesprek met haar word ik mij ervan bewust dat dit precies is wat straks ook zal gaan gebeuren wanneer ik weer ga starten met re-integreren. Het is een stap in het herstelproces. We maken er iets positiefs van, de hindernissen die ik nu neem zullen tijdens het re-integreren weer gemakkelijker gaan. Dat klinkt fijn. Dus ik ga ervoor. Zoals afgesproken met de psycholoog blijf ik de volgende ochtend wanneer ik mijn dochtertje naar de klas heb gebracht even op het schoolplein staan, kijk om me heen, observeer wat iedereen doet. Val ik echt zo op als ik denk? Kijkt iedereen echt naar me? Al snel kom ik tot de conclusie dat iedereen druk is en niemand aandacht voor mij heeft (afgezien van een voorbijlopende ouder die ‘goedemorgen’ zegt). De ene is aan het praten met een andere ouder, de ander met weer snel naar de auto gaan, weer een ander met het naar de klas brengen van kinderen. Gedachtes, ze blijven een worsteling. Ze voelen zo echt en blijken zo moeilijk los te laten of te veranderen. Zonder dat je het wilt komen ze ineens weer opzetten en dat terwijl ik dacht dat ik de afgelopen anderhalf jaar aardig aan de slag was geweest met veel van deze belemmerende gedachtes.  

Natuurlijk ben ik niet de enige moeder die hiermee worstelt, er zullen velen met mij zijn (evenals vaders) maar wat mij nu wel even enorm frustreert is dat het mij zoveel energie kost. Dat ik mij er zo snel weer door uit het veld geslagen voel. Dat ik daardoor op andere vlakken geen stapjes vooruit kan zetten omdat de energie simpelweg al op is, ik moet even weer een stapje terug doen op andere vlakken. Dat ik daardoor niet dat kopje koffie kan drinken bij een vriendin of een boodschapje kan doen maar naar huis moet om te rusten. Ik zou zo graag weer ‘gewoon’ moeder zijn, weer werken en in mijn vrije tijd de dingen doen die ik leuk vind, zonder alles tegen elkaar af te moeten wegen. Begrijp me niet verkeerd; ik wil niet terug naar het leven wat ik had voordat ik burn-out raakte. Maar ik zou graag ‘gewoon’ mijn nieuwe leven willen leven, zonder gedoe. Ik neem de tijd om deze frustratie te verwerken zodat ik er straks weer vol positiviteit tegenaan kan. Op naar een geweldig 2019, want dit wordt mijn jaar! Ook die van jou? #togetherwearestronger  

4 Comments
  1. #ja ik doe het goed #heb ik Evi? Check! #bso en thuis = goed geregeld! #ze kunnen vast zien dat ik een goede moeder ben die ook nog eens een scherp en mooi blog schrijft #trotse moeder van 2 # bijna altijd op de fiets, wow hoe doet ze dat? Ik wou dat ik dat kon.. #wat staat die bril haar toch leuk #enz

Leave a reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *